Waarom moeten baby’tjes gedragen worden – de biologische verklaring [1]

Zoogdieren kunnen worden ingedeeld in 3 groepen: verstoppers, vluchters en dragers.

De jongen van verstoppers (bijv. muizen, poezen, honden) worden kaal en blind worden geboren. Ze verblijven met meerdere jongen bij elkaar in een hol of nest tot ze voldoende ontwikkeld zijn. Deze jongen blijven stil wanneer ze alleen gelaten worden, maar schreeuwen het uit wanneer ze uit het nest worden gehaald. Op deze manier is de kans dat een roofdier het nest ontdekt het kleinst. De melk van verstoppers bevat een groot percentage vet zodat de jongen lang verzadigd zijn en de moeder dus voor langere tijd het nest kan verlaten.

 

Vluchters (bijv. paarden, olifanten, herten, dolfijnen) baren jongen die al vrij ver ontwikkeld zijn en snel kunnen lopen zodat ze samen met hun moeder kunnen vluchten wanneer er gevaar dreigt. Jongen van vluchters roepen hun moeder wanneer ze deze uit het oog verliezen. De melk van vluchters is erg eiwitrijk, waardoor hun spieren en beenderen snel ontwikkelen.

 

Jongen van dragers (bijv. apen, koala’s, kangoeroe’s) worden net als verstoppers onaf geboren. Ze bezitten ze een aantal grijpreflexen zodat ze zich kunnen vastgrijpen aan de vacht van de moeder. Wanneer ze het contact met de moeder verliezen, dreigt voor hen gevaar en zullen ze alarm slaan. De melk van dragers bevat veel suikers en vetzuren, die instaan voor de groei van de hersenen.

 

Mensenbaby’s worden heel immatuur geboren. Zo nemen de hersenen bijvoorbeeld de eerste 2 jaar met 75% toe. Om deze groei toe te laten hebben baby’ s een constante aanvoer van suikers en vetzuren nodig, en laat nu net onze moedermelk daar vol mee zitten. Hersenen groeien doordat zenuwcellen met elkaar in verbinding komen. Deze verbindingen worden vooral door aanraking gevormd. Baby’s bezitten een aantal primaire reflexen (grijpreflex, spreid-hurkreflex, moro-reflex), die aangeven dat mensenbaby’ s gedragen moeten worden. Baby’s kunnen niet zelf het lichaamscontact met de moeder herstellen als dit wordt verbroken, en zullen dus alarm slaan wanneer ze dit contact verliezen. Hoewel baby’s al heel lang als verstoppers worden behandeld, is de mens een drager en geen verstopper. Fysiek contact en gedragen worden zit in zijn natuur.

 

[1] Bron: Het Draagbeest - http://hetdraagbeest.be/waarom-dragen/ 10-2013